Bij De Posthoorn

Op het terras van bodega De Posthoorn aan het Lange Voorhout in Den Haag zit een man. Alleen, aan een tafeltje dat grenst aan de straat. In het etablissement, waar ‘schrijvers, kunstenaars, journalisten en politici elkaar ontmoeten’, is het leeg. Buiten, op het terras, zitten stellen van middelbare leeftijd en alleengaande ouderen van wie het uiterlijk noch de gedragingen ook maar op enige manier associaties oproepen met het beeld dat ik heb van de beoefenaars van de genoemde beroepen.

De man houdt tussen wijs- en middelvinger een sigaar geklemd. Zijn duim bevoelt de zijkant. Zo om de vijf minuten brengt hij de sigaar naar zijn lippen om direct daarop een dikke walm te laten ontsnappen, eerst uit zijn neus en dan uit zijn mond. De rook uit zijn mond is dunner.

Het terras, dat zich ook aan de overkant van het rijstrookje uitstrekt, onder het lommer van de lindebomen, is op deze zonrijke lentenamiddag goed gevuld. De man signaleert elk komen en gaan. Dat is te zien aan de snelle, korte bewegingen met zijn hoofd waarmee hij reageert op elke passant. Zou het nog frequenter en zonder aanleiding gebeuren, dan zou men kunnen spreken van een tic. Signaleren lijkt te volstaan. Langer dan een fractie van een seconde blijft zijn blik nergens op rusten, of het zou op hotel Des Indes moeten zijn, dat hij vanaf zijn plek moet kunnen zien als een door de statige bomen gefragmenteerde horizon.

In het glas van de man zit nog wat bier, net zoveel dat de serveerster het niet met goed fatsoen af zou kunnen ruimen. De man drinkt niet van het bier. Zijn iets omlaaghangende mondhoeken geven hem een gezichtsuitdrukking die zich bevindt tussen neutraal en melancholisch. Voor zijn ogen geldt eigenlijk hetzelfde. Af en toe kruist het gezichtsveld van de man het mijne. Ik krijg geen kans om weg te kijken. Dat doet hij. Zo snel dat ik me afvraag of hij mij überhaupt heeft waargenomen. Zijn hoofd blijft heen-en-weer schieten.

Het weelderige haar van de man, zijn leeftijd zal tegen de zestig lopen, is achterovergekamd. Waar de andere terrasbezoekers truien en jasjes hebben uitgedaan, draagt de man een donkergroen, corduroy colbert. En een sjaal, die overigens meer over zijn schouders dan om zijn nek gedrapeerd is.

Het lijkt me geen politicus. Maar het zou een schrijver kunnen zijn, deze man.

Advertenties

5 Reacties op “Bij De Posthoorn

  1. wauw wat goed omschrijven. Zou kunnen…..

  2. jeetje. K kan merken dat ik maar een paar uurtjes heb geslapen, goed omschreven bedoel ik…sorry hoor…..neem me niet kwalijk….

  3. Wat een heerlijke mysterieuse sfeer wist jij hier te schilderen. Hmmm, weelderig haar, tegen de 60, wie zou deze man kunnen zijn?

  4. Of een psycholoog….. :-) (Ik denk even mee)

  5. Zaten d’r ook bitterballen bij?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s