Sneu

Een klagend, steeds luider klinkend drietonig gemiauw kondigt de komst van een spreekuurbezoeker aan. De deur die toegang biedt tot het halletje van de dierenkliniek zwaait open. Kordaat stapt er een keurig geklede mevrouw binnen, met een rieten mandje in haar hand. Ze neemt plaats op een van de houten lattenbanken, waarvan er tegen elk van de vier muren een geplaatst is. Zodra ze het het mandje op de grond, tussen haar voeten, heeft geplaatst, verstomt het geweeklaag.

De dierenartsassistente verrijst boven de balie en roept de namen van de verwachte huisdieren af, ter controle van hun aanwezigheid. De poes in het mandje blijkt Bobi te heten. Verder zijn ingepland, en present, Knof, Gijs en Twister.

Er is ook ene Zimba aanwezig, een konijn. Die zit in een kartonnen doos, op schoot bij een meisje van een jaar of twintig met lang, dik, blond haar, dat eruitziet als gerafeld touw. Het meisje draagt stevige leren schoenen met een dikke zool, een degelijke buitenbroek en een nonchalant hangend vest over een T-shirt met onduidelijke opdruk. Haar ogen gaan snel heen en weer, vrij willekeurig. Ze houdt de doos met Zimba aan weerszijden vast.

Plotseling zit het touwhaarmeisje met een mobieltje aan haar oor. Vrijwel tegelijkertijd gaat het toestel van de assistente over, die opneemt met ‘goedemorgen’, gevolgd door de naam van de praktijk. Ook het telefoongesprek van het meisje is begonnen. “Ja. Hoi. Met Tan.”, zegt ze toonloos, direct gevolgd door: “Zimba is van het dakterras gesprongen. Ik kan niet komen. Doei.” Nauwelijks uitgesproken, verbreekt ze de verbinding en laat ze het toestel in de dijbeenzak van haar broek glijden. Ze heeft niet ingeademd tussen de zinnetjes.

“Je had mij aan de lijn”, zegt de dierenartsassistente. Het lijkt niet door te dringen tot het baasje van Zimba. Ze verontschuldigt zich althans niet. In plaats daarvan staat ze op, alsof ze daartoe opdracht heeft gekregen, en maakt ze aanstalten de spreekkamer binnen te gaan. De assistente aarzelt even en zegt dan: “Goed, kom maar.”

“We zullen eens even kijken”, klinkt de stevige stem van de dierenarts, door de openstaande deur tussen het baliehoekje en de spreekkamer. Dan sluit de assistente de deur.

Even later komt het meisje weer naar buiten. Met de doos. De assistente heeft plaatsgenomen achter haar computer om de rekening te maken. “Ben je hier al eerder geweest?”, vraagt de assistente haar. Het meisje schudt traag haar hoofd. “Oké, wat is je achternaam?” Het antwoord laat lang op zich wachten. Maar uiteindelijk lukt het haar om haar vierletterige achternaam te spellen. Nog steeds houdt ze de doos stevig vastgeklemd.

Advertenties

8 Reacties op “Sneu

  1. Is dit een deel 1?
    Ik heb allemaal vragen …..

  2. oh jee…..

  3. mooie tekst Roer. En goed ook.
    En welk beest was van de verteller?
    Twister?

  4. @Rob Alberts: Nee, geen deel 1. Maar vraag maar hoor.
    @Wille: zeg dat wel.
    @Jowi: ja, de verteller dacht dat Twister (weer) oormijt had, maar het bleek slechts een wondje.

  5. Wat dom van Zimba om zomaar van een takterras te springen! Wel zielig hoor zo’n einde! Als het een kat geweest was, had hij het misschien nog gered?

  6. Tjees, ook zielig. Gaat het touwhaarmeisje nu met een lege doos naar huis?Arm touwhaarmeisje.

  7. ah joh, misschien zat zimba gewoon nog in die doos. had ze alleen d’r enkeltje verstuikt.

  8. Mooi geschreven maar het lijkt wel alsof er nog een vervolg op moet komen.
    Wel erg voor het touwhaar meisje…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s